Burgemeester Femke Halsema van Amsterdam zegt dat de minister van Justitie en Veiligheid inmiddels dezelfde juridische lezing deelt als de gemeente. Aan tafel bij Pauw & De Wit vertelde ze maandag over haar ontmoeting met David van Weel. Volgens Halsema is er geen wettelijke grond om op te treden tegen steunbetuigingen aan Hamas.

Aanleiding is de ophef over de Gaza-demonstraties in Amsterdam op 7 en 11 oktober. Enkele demonstranten uitten daar steun aan Hamas. Een deel van de Tweede Kamer vond dat Halsema had moeten ingrijpen. Zij wijst die kritiek af en zegt dat de Kamer van de juridische beperkingen op de hoogte was.
Een gesprek over wat de wet toestaat
Minister David van Weel van Justitie en Veiligheid (VVD) had aangekondigd op korte termijn met Halsema in gesprek te gaan. Die aankondiging kwam nadat Kamerleden stevige kritiek hadden geuit op haar optreden. De ontmoeting vond plaats op maandag, kort voordat Halsema bij Pauw & De Wit aanschoof.

Over dat gesprek zei Halsema: “Ik heb hem de wet uitgelegd en wat wij wel en niet mogen.” Volgens haar bestond er aanvankelijk een verschil in interpretatie tussen haar en de minister. Dat verschil is er volgens haar nu niet meer, omdat Van Weel haar standpunt inmiddels deelt.
Waarom ingrijpen volgens Halsema niet kon
Halsema stelt dat de gemeente “simpelweg niet mag optreden” omdat daarvoor geen wettelijke grond bestaat. Zij zegt dat Van Weel dit erkent. Ze vertelde aan tafel dat dit de kern van het gesprek was: wat een burgemeester juridisch gezien mag doen en wat niet.
Kamerleden vonden dat Halsema de demonstraties had kunnen beëindigen. Ze stelden ook dat ze spandoeken en borden met steunbetuigingen in beslag had kunnen laten nemen. Halsema zegt dat die middelen niet beschikbaar waren. Volgens haar werd haar standpunt bovendien bevestigd door hoogleraren die zich over de kwestie bogen.

De verklaring van 7 oktober
Halsema wees erop dat de gemeente niet stil bleef. Op 7 oktober bracht Amsterdam zelf een verklaring naar buiten, die mede werd ondertekend door de hoofdofficier van justitie. Daarin gaf de stad aan hoe verschrikkelijk en shockerend ze de uitingen vond.
In dezelfde verklaring keurde de gemeente af dat de Dam hiervoor werd misbruikt, zeker op 7 oktober zelf. Halsema benadrukte dat deze reactie er al lag voordat de Kamerkritiek op gang kwam. Daarmee wil zij laten zien dat het stadsbestuur de uitingen wel degelijk veroordeelde.

Het verwijt aan de Tweede Kamer
Halsema zei zich te verbazen over de kritiek op haar functioneren in deze kwestie. “Ze wisten het en ze weten het”, zei ze over de Kamerleden. Volgens haar ligt het standpunt van de gemeente al langer vast en was het bekend in Den Haag.
Haar conclusie was scherp: “De Tweede Kamer wist het donders goed. Maar men heeft ervoor gekozen om het op te spelen, om te beschadigen.” Dat is volgens Halsema kwalijk, omdat je daarmee het gezag in de hoofdstad ondermijnt. Dit is haar eigen lezing van de gebeurtenissen.

Zorg om de Joodse Amsterdammers
Nog zwaarder weegt voor Halsema iets anders. Ze zei dat zij het nog erger vindt dat de al angstige Joodse bevolking in Amsterdam op een zo emotionele dag een bepaald beeld krijgt. Het gaat om de indruk dat het stadsbestuur lui zou zijn geweest.
Of dat de gemeente politieke redenen zou hebben gehad om niet in te grijpen. Halsema wees dit nadrukkelijk van de hand. Volgens haar mocht de gemeente niet optreden, en dat verschil tussen willen en mogen is de kern van haar verweer tegen de Kamerleden.
Wat er op de Dam te zien was
De burgemeester en de Amsterdamse politiechef hebben “met grote afschuw” gezien hoe demonstranten voor het monument op de Dam Hamas steunden. Dat monument is een plek van herdenking, wat de uitingen voor Halsema extra pijnlijk maakte.

Op een pro-Palestijnse betoging hield een aantal demonstranten een groene vlag omhoog met de tekst “we support Hamas”. Het ging om enkele demonstranten, niet om de hele betoging. Over precies deze uitingen draait de discussie over wat een burgemeester wettelijk mag doen.
Een kwestie met een politiek staartje
Met het gesprek tussen Halsema en Van Weel lijkt het meningsverschil tussen gemeente en ministerie over de juridische ruimte te zijn weggenomen. De minister zou nu dezelfde opvatting delen als de burgemeester. Dat bleek uit wat Halsema zelf over het overleg vertelde.

Of de kritiek uit de Tweede Kamer daarmee verstomt, is nog onduidelijk. Halsema houdt vast aan haar verwijt dat de Kamer de kwestie bewust heeft opgespeeld. Zij zegt dat haar bestuur de uitingen op de Dam veroordeelde, maar zich moest houden aan de grenzen van de wet.
Bronnen en credits
Bronnen: Telegraaf.nl, Vandaag Inside, drimble.nl, nl.wikipedia.org
Dit artikel is tot stand gekomen met ondersteuning van
kunstmatige intelligentie (AI). Ter ondersteuning van onze
menselijke redacteurs gebruiken wij Google Gemini met
zoekfunctionaliteit om informatie te verzamelen,
nieuwsfeiten te structureren en een artikel op te stellen. Vóór publicatie controleert een menselijke
redacteur de feiten, bronnen en inhoud. Waar nodig worden
onjuistheden gecorrigeerd en wordt de tekst aangepast voor een
natuurlijke en duidelijke schrijfstijl. AI ondersteunt ons
redactionele proces, maar vervangt de menselijke controle
niet. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij onze
redactie.










