Regeringspartijen VVD en D66 hebben een parlementaire meerderheid achter zich gekregen om de realisatie van kleine kerncentrales in Nederland fors te versnellen. Kamerleden Alisha Müller en Felix Klos leggen via twee gesteunde voorstellen concrete opdrachten neer bij staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei om al in 2027 met uitgewerkte plannen te komen.

De ingreep uit de Tweede Kamer richt zich op zowel een snelle locatiekeuze als het tijdig regelen van de vergunningen en de financiering. Hoewel het minderheidskabinet in het coalitieakkoord al afsprak om naast grote centrales ook op kleinere reactoren te mikken, vinden de indieners het huidige tempo van de voorbereidingen onvoldoende.
Zoektocht naar geschikte bouwlocaties voor de zomer van 2027
Kamerlid Alisha Müller wil voorkomen dat het aanwijzen van geschikte bouwplekken opnieuw jaren in beslag neemt, zoals eerder gebeurde bij het traject voor grote kerncentrales. Zij heeft CDA-staatssecretaris De Bat daarom verzocht om al voor de zomer van 2027 in kaart te brengen waar kleine centrales kunnen verrijzen.
Dit specifieke voorstel van de VVD wordt behalve door de coalitiepartijen ook gesteund door de fracties van JA21 en Groep Markuszower. Volgens Müller loopt Nederland bij langer wachten het risico achterop te raken bij andere landen. “En dat zou zonde zijn, want we willen zo snel als mogelijk kernenergie in het systeem.”
Onafhankelijkheid van gasimport en versnelde vergunningen
Een snelle uitbreiding van de nucleaire capaciteit heeft volgens de VVD-politica een duidelijk strategisch doel voor de Nederlandse energievoorziening. Zij benadrukt het belang van de versnelling “zodat we niet meer afhankelijk hoeven te zijn van de import van bijvoorbeeld gas van buiten Europa.” Daarom zijn aanvullende voorbereidingen op andere terreinen eveneens noodzakelijk.
D66-Kamerlid Felix Klos eist in een aanvullend voorstel dat het kabinet de financiering en de vergunningverlening voor de kleine centrales het liefst binnen twee jaar op orde brengt. Zijn initiatief heeft naast de steun van de coalitiepartijen ook de instemming van de ChristenUnie en JA21 gekregen, waarmee ook voor dit spoor een Kamermeerderheid bestaat.
Fabrieksmatige bouw en het streven naar zeven gigawatt
Het kabinet streeft ernaar om op termijn in totaal 7 gigawatt aan elektrische capaciteit uit kernenergie te halen, met als richtpunt het jaar 2050. Die totale hoeveelheid is voldoende om ongeveer zeven miljoen huishoudens van elektriciteit te voorzien. Terwijl een traditionele grote kerncentrale circa 2 gigawatt oplevert, produceert een kleine variant tussen de 150 en 500 megawatt.

Het grote voordeel van deze kleine modulaire kernreactoren, die ook wel SMR’s worden genoemd, is dat zij modulair in fabrieken zijn te bouwen. Daardoor verloopt de realisatie sneller en goedkoper dan bij grootschalige nieuwbouw. Voor de bouw van een grote centrale staat doorgaans tien tot vijftien jaar, terwijl een kleine centrale na de voorbereiding zo’n vijf jaar bouwtijd vergt.
Kansen voor de industrie en lessen uit eerder locatieonderzoek
Uit eerder overheidsonderzoek naar de inpassing van SMR’s in het Nederlandse energiesysteem blijkt dat deze reactoren goed passen op locaties waar naastgelegen industrie de opgewekte stroom direct afneemt. Daarnaast kunnen de kleinere eenheden grootschalig leveren aan het landelijke elektriciteitsnet, al hebben kansrijke initiatieven wel gerichte ondersteuning nodig om daadwerkelijk te slagen.
Hoe lastig de locatiekeuze bij grote projecten is, bleek eerder uit een studie van landelijk netbeheerder TenneT naar twee nieuwe grote centrales. Wegens ruimtegebrek en te grote ingrepen op de bestaande infrastructuur vielen vrijwel alle plekken af en bleven alleen de Eemshaven in Groningen en Terneuzen in Zeeland over voor een ontwerp-voorkeursbeslissing in de eerste helft van 2027.
Gemeente Nederbetuwe en provincie Gelderland tonen al interesse
Voor de kleinere reactoren melden lokale overheden zich inmiddels zelf aan om mogelijkheden te verkennen. Zo brengt de gemeente Nederbetuwe al verschillende locaties in kaart voor de komst van een kleine kerncentrale. Müller acht de kans aanwezig dat dit de eerste bouwplek wordt. “En ook de provincie Gelderland wil dit, dus zowel de provincie als de gemeente willen hiermee aan de slag.”
Naast de plannen in Gelderland heeft ook de Noord-Hollandse gemeente Opmeer, die 12.000 inwoners telt, belangstelling getoond voor een eigen kleine centrale. De lokale wethouder geeft aan een dergelijke voorziening mooier te vinden dan de aanleg van zonnepanelen. Het gaat bij deze gemeentelijke plannen vooralsnog om verkennende stappen en nog niet om definitieve bouwbesluiten.
Aandringen op politieke steun voor ontwikkelaars
Volgens Klos denkt de sector dat de bouw in de praktijk vlot op gang kan komen, waardoor er volgens zijn verwachting ergens in de komende vijf jaar al een eerste kleine centrale in Nederland zou kunnen staan. “We weten dat de industrie en de ontwikkelaars in Nederland zeggen: dat kunnen we gewoon sneller realiseren.”

Om die ambitie van marktpartijen waar te maken, moet de rijksoverheid volgens de D66-politicus nu wel de juiste randvoorwaarden scheppen. “Dus daar moeten we dan ook wel een beetje een zetje aan geven, want anders gaat dat niet gebeuren.” Met de aangenomen Kamerlijn ligt de opdracht nu bij staatssecretaris Jo-Annes de Bat om uiterlijk in 2027 met concrete plannen te komen.
Bronnen en credits
Bronnen: AD, RTL Nieuws, vn.nl, tweedekamer.nl, nporadio1.nl
Dit artikel is tot stand gekomen met ondersteuning van
kunstmatige intelligentie (AI). Ter ondersteuning van onze
menselijke redacteurs gebruiken wij Google Gemini met
zoekfunctionaliteit om informatie te verzamelen,
nieuwsfeiten te structureren en een artikel op te stellen. Vóór publicatie controleert een menselijke
redacteur de feiten, bronnen en inhoud. Waar nodig worden
onjuistheden gecorrigeerd en wordt de tekst aangepast voor een
natuurlijke en duidelijke schrijfstijl. AI ondersteunt ons
redactionele proces, maar vervangt de menselijke controle
niet. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij onze
redactie.










