Het Schadefonds Geweldsmisdrijven verstrekt voortaan een financiële uitkering aan mensen die zijn verwekt door incest. Staatssecretaris Claudia van Bruggen van Justitie en Veiligheid heeft deze beleidswijziging op maandag 2 november 2026 bekendgemaakt in een brief aan de Tweede Kamer. Aanvragers moeten daarvoor wel kunnen bewijzen dat zij kampen met ernstig psychisch letsel.
De koerswijziging van het kabinet volgt rechtstreeks op een bindend oordeel van de Raad van State van 7 oktober 2026. De hoogste bestuursrechter bepaalde destijds dat een uit incest geboren man zelfstandig aanspraak maakt op een schadevergoeding. Tot dat moment werden zulke nakomelingen door het fonds niet als directe slachtoffers van het zedenmisdrijf gezien.
Principiële uitspraak over rechtstreeks slachtofferschap
De rechtszaak draaide om de in 1988 geboren Jasper van den Hoek, wiens destijds minderjarige moeder seksueel werd misbruikt door haar eigen vader. Daarmee is zijn biologische vader tevens zijn opa. Toen het kind vijf jaar oud was, werd deze grootvader opgepakt en strafrechtelijk veroordeeld voor de gepleegde ontucht.
De afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de manier van verwekking het kind zelf direct raakt. “Een kind geboren uit incest wordt door dit misdrijf direct aangetast in zijn recht op psychische integriteit en identiteitsontwikkeling”, stelde de Raad van State. Het feit dat geestelijk letsel pas na de geboorte optreedt, staat een vergoeding niet in de weg.
Afwijzing door het fonds in 2023
Van den Hoek diende in 2023 een verzoek in bij de commissie van het schadefonds om erkend te worden als slachtoffer. De commissie wees die aanvraag toen af, omdat het seksuele geweld tegen zijn moeder niet werd aangemerkt als een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf tegen hemzelf. Volgens het orgaan bestond hij nog niet tijdens het delict.
Voor de aanvrager was het onbegrijpelijk dat er vanuit maatschappelijke solidariteit geen uitkering mogelijk was, zeker omdat de dader inmiddels was overleden. Volgens hem vormde het misbruik vanaf zijn geboorte een voedingsbodem voor meerdere psychische stoornissen. Hij groeide op in een instabiele omgeving bij een getraumatiseerde moeder, wat leidde tot problemen op school.
Ernstige psychische gevolgen en eerdere rechtsgang
Ondanks vroegkinderlijke traumabehandeling kreeg de man te maken met depressies, angst- en paniekaanvallen, drugsverslaving en dakloosheid. Zowel hijzelf als zijn moeder hielden een leven vol geestelijke klachten over aan het familiedrama. Het Expertisecentrum Euthanasie stelde bij hem zelfs een weloverwogen euthanasiewens vast vanwege ondraaglijk lijden, nadat jarenlange therapie geen passende oplossing bood.
Vanwege de afwijzing stapte de man naar de Rechtbank Gelderland, die hem in 2025 in het gelijk stelde. De rechter oordeelde dat de aard en ernst van de normscheiding een persoonlijke aantasting opleverden. Daarmee bestond er een direct verband tussen het misdrijf en zijn geestelijke schade, maar de fondscommissie ging tegen dat vonnis in hoger beroep.
Onzorgvuldige beoordeling van de letselcategorie
Tijdens de lopende procedure kende het fonds de man wel een bedrag van 20.000 euro toe, wat hoort bij letselcategorie 5. Die betaling gebeurde echter uitsluitend omdat hij in zijn eerste levensjaren stelselmatig getuige was geweest van huiselijk geweld. Omdat erkenning als zelfstandig slachtoffer van incest uitbleef, vernietigde de Raad van State dit besluit.
Bovendien schoot het medisch onderzoek naar de zwaarte van zijn schade tekort. De man pleitte voor indeling in categorie 6, waarvoor volledige en blijvende afhankelijkheid geldt. Een medisch adviseur wees dit af omdat de aanvrager niet met vierentwintiguurstoezicht in een ggz-instelling woont, maar vergat te toetsen of zijn thuissituatie daarmee vergelijkbaar is.
Politieke druk vanuit de Tweede Kamer
Naast de juridische strijd speelde de kwestie ook in het parlement. Op 4 september 2025 diende Kamerlid Songül Mutluer een motie in om kinderen die uit incest zijn geboren wettelijk als slachtoffer te erkennen. Zij stelde dat betrokkenen recht moeten hebben op een uitkering zonder dat daar een gang naar de rechter voor nodig is.
Een meerderheid van de Tweede Kamer, waaronder de fracties van GroenLinks-PvdA en de ChristenUnie, nam dit voorstel met handopsteken aan. Aan de vooravond van de uiteindelijke uitspraak van de hoogste bestuursrechter sprak Van den Hoek op LinkedIn zijn hoop uit op erkenning: “Ongeacht hoe het morgen afloopt ben ik trots op mijzelf.”
Voorwaarden voor de nieuwe regeling
De hoogste rechter benadrukte dat de Wet schadefonds geweldsmisdrijven bepalend is voor de aanspraak en niet het slachtofferbegrip uit andere regelingen. De geestelijke schade van het kind valt volgens de raad niet te bestempelen als enkel afgeleid leed vanuit de positie van de moeder. De fondscommissie moet nu een nieuw besluit nemen over de individuele zaak.
Met de Kamerbrief van Van Bruggen wordt deze juridische lijn nu vertaald naar vast overheidsbeleid voor alle soortgelijke situaties in Nederland. Iedereen die uit een incestueuze verhouding is geboren en ernstig psychisch letsel kan aantonen, komt voortaan in aanmerking voor een financiële tegemoetkoming. Daarmee krijgen zij officiële erkenning als direct slachtoffer van het gepleegde geweldsmisdrijf.
Bronnen en credits
Bronnen: NU.nl, RTL Nieuws, hartvannederland.nl, nrc.nl, utrecht.nieuws.nl, recht.nl, fiom.nl, letselschade.nu, wa.nl, tweedekamer.nl
Dit artikel is tot stand gekomen met ondersteuning van
kunstmatige intelligentie (AI). Ter ondersteuning van onze
menselijke redacteurs gebruiken wij Google Gemini met
zoekfunctionaliteit om informatie te verzamelen,
nieuwsfeiten te structureren en een artikel op te stellen. Vóór publicatie controleert een menselijke
redacteur de feiten, bronnen en inhoud. Waar nodig worden
onjuistheden gecorrigeerd en wordt de tekst aangepast voor een
natuurlijke en duidelijke schrijfstijl. AI ondersteunt ons
redactionele proces, maar vervangt de menselijke controle
niet. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij onze
redactie.











