De inboekdienstverleners Joulo en 1KOMMA5° Nederland roepen de Nederlandse Emissieautoriteit en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat op om een nieuwe rekenregel voor thuisladers met een elektrische auto te herzien. Door een eind oktober gepubliceerde toelichting van de toezichthouder telt particuliere zonnestroom niet langer volledig mee voor de opbouw van verhandelbare emissiereductie-eenheden.

Beide bedrijven stellen dat het ingestelde plafond voor huishoudens met zonnepanelen een wettelijke grondslag mist en haaks staat op het klimaatdoel van de regeling. Oprichter Johan Trip van Joulo schat dat de gewijzigde werkwijze over heel 2026 alleen al binnen zijn eigen klantenbestand ongeveer 17.000 huishoudens raakt voor een gezamenlijk bedrag van bijna 4 miljoen euro.
Werking van verhandelbare certificaten voor duurzame laadsessies
De regeling voor zogenoemde ERE-certificaten is per 1 januari 2026 opengesteld voor particulieren met een eigen laadpaal. Eén emissiereductie-eenheid staat gelijk aan één kilo aantoonbaar vermeden uitstoot van koolstofdioxide door elektrisch wegverkeer. Het systeem valt onder de Regeling energie vervoer en het Besluit energie vervoer, die voortvloeien uit de Europese RED III-richtlijn voor hernieuwbare energie.
Aanbieders van fossiele brandstoffen zoals benzine en diesel hebben een wettelijke verplichting om hun uitstoot jaarlijks te verlagen. Zij voldoen hieraan door certificaten op te kopen van elektrische rijders die thuis stroom laden. Er komt geen overheidsgeld of subsidieloket aan te pas, want de vergoeding van tien cent of meer per geladen kilowattuur wordt volledig door de markt betaald.
Technische voorwaarden en administratieve registratie
Om deel te nemen aan het systeem moet een particuliere laadpaal op de eigen netaansluiting beschikken over een ingebouwde, MID-gecertificeerde kilowattuurmeter voor controleerbare metingen. De toezichthouder heeft voor het jaar 2026 vastgesteld dat elke thuis geladen kilowattuur 0,33269 eenheid oplevert. De daadwerkelijke financiële waarde van deze eenheden schommelt op de handelsmarkt.
Particulieren machtigen een gespecialiseerde inboekdienstverlener om hun laadgegevens te registreren in het Register Energie voor Vervoer van de autoriteit. Zo verkocht aanbieder Stekker op 4 augustus 2026 eenheden voor een prijs van 0,482 euro per stuk, waarbij het bedrijf afhankelijk van de gekozen dienst en kortingen tussen de tien en vijfentwintig procent commissie inhoudt op de uitbetaling.
Nieuwe rekenregel trekt teruglevering af van laadvolume
Eind oktober plaatste de toezichthouder een nadere toelichting op haar website die de opbrengst voor zonnepaneelbezitters beperkt. Volgens deze rekenregel mag een huishouden nooit meer kilowatturen inboeken dan het netto van het elektriciteitsnet afneemt. De teruggeleverde zonnestroom wordt daarbij afgetrokken van de afgenomen netstroom, terwijl voor particuliere opwek geen officiële garantie van oorsprong beschikbaar is.
Wie bijvoorbeeld jaarlijks 3.000 kilowattuur in de auto laadt, 2.500 kilowattuur van het net haalt en 500 kilowattuur teruglevert, mag volgens de instructie maximaal 2.000 kilowattuur laten registreren. Bovendien zien deelnemers pas na 31 december wat zij overhouden, omdat de zomerse teruglevering aan het einde van het kalenderjaar wordt verrekend met de winterse laadsessies.
Rekenvoorbeelden tonen financieel verlies voor zonnepaneelbezitters
Uit het Nationaal Laadonderzoek van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland blijkt dat negen op de tien thuisladers zonnepanelen heeft. Joulo, dat ruim 32.000 klanten telt, rekent voor dat klant Sander uit Zwolle met 5 kilowattpiek aan panelen en zonder warmtepomp 4.100 kilowattuur laadt, maar door 5.600 kilowattuur afname en 3.150 kilowattuur teruglevering slechts 2.450 kilowattuur mag inboeken.
Zijn buurman zonder zonnepanelen ontvangt voor exact hetzelfde laadvolume ongeveer 530 euro, terwijl Sander volgens de berekening van het bedrijf ruim 300 euro overhoudt. Zonder warmtepomp raakt de beperking volgens Joulo vier op de vijf huishoudens met zonnepanelen voor gemiddeld 1.500 kilowattuur oftewel circa 200 euro per jaar, oplopend tot 850 euro bij veel panelen.
Verbazing over late aanpassing en terugverdientijd van laadpalen
Ook prijsvergelijker Keuze.nl heeft de financiële gevolgen van de aangepaste spelregels doorgerekend voor consumenten. Analist Geert Wirken becijfert dat een thuislader die jaarlijks 3.000 kilowattuur laadt in het ongunstigste geval 450 euro aan certificaatopbrengsten misloopt. Alleen huishoudens die veel stroom van het net halen, bijvoorbeeld voor een warmtepomp, houden volgens hem nog enige verdienruimte over.
Wirken wijst erop dat veel automobilisten sinds de openstelling in januari al een geschikte laadpaal hebben gekocht en dat stroom van eigen dak direct en zonder uitstoot de accu ingaat. ‘Ik verbaas me dat de NEa nu pas met deze interpretatie komt’, zegt Wirken, die vreest dat huishoudens hun investering in een nieuwe laadpaal veel lastiger terugverdienen.
Kritiek op ongelijke behandeling en ontbrekende wettelijke basis
Volgens Joulo en 1KOMMA5° Nederland zorgt de richtlijn voor een scheve verhouding tussen consumenten en bedrijven. Een onderneming met zonnepanelen op het eigen dak mag de geladen zonnestroom voor honderd procent als groen inboeken, terwijl voor huishoudens het landelijke gemiddelde van 50,5 procent hernieuwbare stroom én het nieuwe terugleverplafond gelden.

‘Wie investeert in zonnepanelen, wordt dus gestraft’, stelt Joulo-oprichter Johan Trip over de rekenmethode die verificateurs hanteren. Directeur Koen Rozendom van 1KOMMA5° Nederland noemt de maatregel ‘de omgekeerde wereld’, en beide bedrijven benadrukken dat de relevante wetgeving en de Europese richtlijn uitsluitend rekenen met de op het laadpunt gemeten kilowatturen zonder aftrek voor teruglevering.
Bronnen en credits
Bronnen: Nederlands Dagblad, Volkskrant, headliner.nl, raadvanstate.nl, ewmagazine.nl, stekker.com, solarmagazine.nl
Dit artikel is tot stand gekomen met ondersteuning van
kunstmatige intelligentie (AI). Ter ondersteuning van onze
menselijke redacteurs gebruiken wij Google Gemini met
zoekfunctionaliteit om informatie te verzamelen,
nieuwsfeiten te structureren en een artikel op te stellen. Vóór publicatie controleert een menselijke
redacteur de feiten, bronnen en inhoud. Waar nodig worden
onjuistheden gecorrigeerd en wordt de tekst aangepast voor een
natuurlijke en duidelijke schrijfstijl. AI ondersteunt ons
redactionele proces, maar vervangt de menselijke controle
niet. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij onze
redactie.
Foto: Snellaadstation met gele boog en een elektrische auto — Biontologist (bron), CC BY-SA 4.0
Foto: Snellaadstation met overkapping en geparkeerde auto’s — Steven Lek (bron), CC BY-SA 4.0










