Op woensdag 28 oktober 2026 kreeg een klas van de katholieke middelbare school KNMC Merksem, in de volksmond JOMA genoemd, bezoek van activisten. Een leerkracht had de vereniging Antwerp for Palestine uitgenodigd voor een gastles van een uur. Wat een gewone les over een actueel thema moest zijn, groeide uit tot een onderwerp van discussie in Antwerpen en ver daarbuiten.

Wat tonen de beelden uit het klaslokaal?
De activisten plaatsten zelf foto’s en video’s van de les op sociale media. Binnen korte tijd laaiden online felle discussies op en pakten ook de traditionele media het verhaal op. Omdat het beeldmateriaal van de organisatie zelf kwam, kon iedereen meekijken in het klaslokaal en direct een mening vormen.

Wie de beelden bekijkt, ziet meteen de kleding en symbolen die de sfeer bepaalden. De sprekers en verschillende aanwezigen droegen Palestijnse sjaals, de zogeheten keffiyehs, en sjerpen. In het lokaal hingen Palestijnse vlaggen en er verschenen watermeloensymbolen. Die vrucht geldt wereldwijd als herkenbaar teken van solidariteit met de Palestijnen, omdat de kleuren overeenkomen met die van de vlag.
Ook de inhoud van de les trok de aandacht. De sprekers stonden onder meer stil bij de Nakba, de term waarmee Palestijnen de vlucht en verdrijving rond 1948 aanduiden, en bij de bredere geschiedenis van de regio. De grootste ophef ontstond door een kaart op de presentatieslides. Daarop ontbrak de staat Israël volledig, want Palestina had zijn plaats ingenomen.
Zware kritiek en politieke reacties
Na de verspreiding van de beelden volgde snel scherpe kritiek. Joodse organisaties en groeperingen zoals StopAntisemitisme.be spraken van eenzijdige politieke indoctrinatie in de klas. Volgens hen legitimeerde de les terrorisme onder de dekmantel van het woord “verzet”. Ook de Israëlische ambassadeur veroordeelde het voorval in duidelijke bewoordingen.

De kritiek bleef niet beperkt tot woorden. Er ging een officieel verzoek naar de Vlaamse minister van Onderwijs, Zuhal Demir, om een inspectieonderzoek te starten. Dat onderzoek moet nagaan welk lesmateriaal de gastsprekers gebruikten en of de school de neutraliteit bewaakte. Daarmee verschoof de discussie van sociale media naar het beleidsniveau van het Vlaamse onderwijs.
Het standpunt van de activisten
Antwerp for Palestine en de betrokken leerkracht zien het anders. Zij benadrukken dat het ging om een open en respectvol gesprek met de leerlingen over een gevoelig en actueel thema. Volgens hen stond het doel centraal om jongeren te leren zelf een standpunt te vormen, in plaats van hen een mening op te leggen.

Zo staan twee lezingen van dezelfde les lijnrecht tegenover elkaar. De critici zien eenzijdige beïnvloeding, terwijl de organisatoren hun les omschrijven als een kans tot dialoog. De beelden en de gebruikte slides vormen het uitgangspunt voor beide kampen, maar elk kamp trekt er een andere conclusie uit. Een onafhankelijke beoordeling moet uitsluitsel geven over wat er precies is gebeurd.
Wat betekent dit voor het onderwijs?
De zaak raakt aan een breder debat over de rol van gastsprekers op school. Leerkrachten willen maatschappelijke thema’s bespreken, omdat leerlingen ze toch dagelijks op sociale media tegenkomen. Tegelijk verwachten ouders, politici en maatschappelijke organisaties dat scholen evenwichtig met zulke onderwerpen omgaan en verschillende perspectieven aan bod laten komen.

Voor scholen zoals KNMC Merksem blijft de afloop van het inspectieonderzoek bepalend. Scholen kunnen uit dit voorval leren dat duidelijke afspraken over gastlessen, lesmateriaal en neutraliteit loont. Zo kunnen ze gevoelige onderwerpen blijven bespreken zonder dat een les uitmondt in een publieke controverse.
Bronnen en credits
Bron: Instagram










