Terwijl de Raad van State vorige maand een cruciaal besluit over Schiphol vernietigde, gaan ambtenaren rustig door. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat werkt onverstoorbaar aan een nieuw besluit dat de luchthaven op papier stiller moet maken. Dat nieuwe besluit moet op 1 november ingaan, en ambtenaren verwachten dat de rechterlijke kritiek ditmaal geen roet in het eten gooit. Wat precies de doorslag geeft, maakt dit verhaal opvallend.
Wat de Raad van State vernietigde
De hoge bestuursrechter vernietigde vorige maand het zogeheten Luchthavenverkeerbesluit. Dat besluit was erop gericht om snel een wettelijk maximum van 478.000 vluchten per jaar vast te leggen voor Schiphol. De Raad van State oordeelde echter dat dit besluit niet door de beugel kon. Daarmee ontstond onzekerheid over de toekomst van de geluidsregels rondom de luchthaven.
Het vernietigde besluit was bovendien een spoedmaatregel. De overheid probeerde daarmee snel duidelijkheid te scheppen over het maximumaantal vluchten. Omdat dat nu van tafel is, rijst de vraag wat er nu wél geldt. Voorlopig valt de Inspectie Leefomgeving en Transport terug op een gedoogsituatie die eerder al van toepassing was. Die situatie verandert het dagelijkse beeld op en rondom Schiphol vooralsnog niet.
Ambtenaren zien ruimte in nieuw besluit
Ambtenaren van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zijn er echter niet van onder de indruk. Zij legden aan Tweede Kamerleden uit dat de kritiek van de Raad van State niet van toepassing is op het nieuwe besluit waaraan zij werken. Dat nieuwe besluit is namelijk breder van opzet dan het vernietigde exemplaar. Bovendien bevat het aanvullende regels die een steviger juridische basis moeten vormen.
Een van de ambtenaren omschreef het nieuwe besluit als een document dat ‘drie sloten op de deur’ zet. Wat die drie sloten precies inhouden, werd niet verder toegelicht in de briefing aan Kamerleden. Toch geeft de formulering aan dat het ministerie bewust een robuustere aanpak kiest. Daarmee wil men voorkomen dat opnieuw een rechter het besluit onderuithaalt.
Vluchten blijven voorlopig ongewijzigd
Ondertussen heeft de vernietiging van het eerdere Luchthavenverkeerbesluit in de praktijk geen directe gevolgen voor het aantal vluchten van en naar Schiphol. Dat bevestigde de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) al eerder. De inspectie past tijdelijk een gedoogsituatie toe die ook vóór het vernietigde besluit al gold. Dat betekent dat luchtvaartmaatschappijen gewoon kunnen opereren zoals ze dat deden.
Daarnaast benadrukt het ministerie dat het nieuwe besluit op 1 november 2026 in werking moet treden. Tot die datum blijft de huidige gedoogsituatie van kracht. Daarna moeten de nieuwe geluidsregels structureel voor meer duidelijkheid zorgen, zowel voor de luchtvaart als voor omwonenden. Of dat ook juridisch standhoudend is, blijft echter onzeker totdat het besluit daadwerkelijk van kracht is.
Wat dit betekent voor omwonenden
Voor de honderdduizenden mensen die rondom Schiphol wonen, verandert er op dit moment niets merkbaars. De vernietiging van het Luchthavenverkeerbesluit klinkt ingrijpend, maar heeft in de dagelijkse praktijk geen onmiddellijk effect. Vliegtuigen blijven opstijgen en landen zoals voorheen. Toch is de juridische onzekerheid voor omwonenden een bron van frustratie, omdat zij al jaren wachten op bindende afspraken over geluidsoverlast.
Bovendien wekt de gedoogsituatie vragen op over de bescherming van omwonenden. Een gedoogsituatie biedt namelijk minder juridische zekerheid dan een formeel vastgesteld besluit. Omwonenden en milieuorganisaties hebben in het verleden al meerdere keren via de rechter geprobeerd vluchten terug te dringen. Dat de Raad van State eerder een besluit vernietigde, geeft hun wel degelijk munitie voor eventuele toekomstige procedures.
Politieke druk blijft aanhouden
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat staat dus onder druk van twee kanten. Enerzijds zijn er luchtvaartpartijen die willen weten waar ze aan toe zijn en die belang hebben bij zo weinig mogelijk beperkingen. Anderzijds zijn er omwonenden en milieuorganisaties die juist strenge geluidsregels eisen. Daartussenin beweegt de overheid, met ambtenaren die proberen een juridisch houdbaar besluit te schrijven dat beide belangen deels accommodeert.
De briefing aan Tweede Kamerleden is in dat licht ook politiek relevant. Het kabinet wil laten zien dat het ondanks de rechterlijke tik de regie behoudt. Vervolgens ligt de vraag op tafel of de politiek het nieuwe besluit zal steunen en of het wederom stand zal houden voor de rechter. Dat is een vraag die pas beantwoord wordt als het besluit er daadwerkelijk ligt en mogelijk opnieuw wordt aangevochten.
Het nieuwe besluit als lakmoesproef
Het nieuwe Luchthavenverkeerbesluit is daarmee een lakmoesproef voor het geluidsbeleid rondom Schiphol. Als het ministerie erin slaagt een juridisch waterdicht besluit te schrijven, kan de overheid eindelijk duidelijkheid bieden. Dat geldt dan voor luchtvaartmaatschappijen, voor omwonenden en voor de politiek. Bovendien kan een stevig verankerd besluit verdere rechterlijke procedures voorkomen.
Tot 1 november houden alle partijen de adem in. Het ministerie werkt door, de inspectie gedoogt en Schiphol blijft opereren zoals gewoonlijk. Of de ambitie van de ambtenaren om dit keer juridisch onaantastbaar te zijn uitkomt, zal de tijd moeten uitwijzen. Voorlopig is duidelijk dat de overheid vastberaden is om het geluidsbeleid niet te laten vastlopen door één rechterlijk vonnis.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, Nieuws.nl











