Vervuilende touringcars en trolleybussen kunnen vanaf 2029 geweerd worden uit Nederlandse binnensteden. Staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur kondigt een regelwijziging aan die gemeenten de mogelijkheid geeft om uitstootvrije zones uit te breiden naar bepaalde categorieën autobussen. Daarbij houdt ze bewust rekening met ondernemers die de overstap naar elektrisch vervoer simpelweg nog niet kunnen maken.

Wat verandert er precies?
De bestaande zero-emissiezones in Nederland richten zich nu uitsluitend op bedrijfsauto’s, zoals bestelbussen en vrachtwagens. In die zones zijn de meest vervuilende voertuigen jaar na jaar steeds minder welkom. Bertram wil de wet aanpassen zodat ook voertuigen in de categorieën M2 en M3 onder die regels kunnen vallen. Dat zijn voertuigen met vier of meer wielen die, inclusief de bestuurder, meer dan negen personen kunnen vervoeren. Denk daarbij aan touringcars en trolleybussen. Personenauto’s vallen nadrukkelijk buiten deze uitbreiding.
Bovendien geldt de uitbreiding niet automatisch. Bertram benadrukt in een brief aan de Tweede Kamer dat bestaande zones voor bestel- en vrachtauto’s niet ineens ook voor bussen gaan gelden. Gemeenten beslissen zelf of zij de regels voor autobussen willen invoeren. Daarmee is het een lokale keuze, geen landelijke verplichting. Dat onderscheid is belangrijk voor steden die al vergevorderd zijn met hun verduurzamingsplannen, maar ook voor gemeenten die daar nog niet klaar voor zijn.
Bertram wil ondernemers niet overvragen
De staatssecretaris erkent dat de overstap naar elektrische bussen voor sommige ondernemers geen sinecure is. Netcongestie speelt daarbij een grote rol. Veel bedrijven willen hun wagenpark verduurzamen, maar kunnen door de overbelasting van het stroomnet simpelweg geen laadinfrastructuur aanleggen. Daarom blijven uitzonderingen mogelijk voor ondernemers die aantoonbaar vastlopen op de capaciteit van het elektriciteitsnet.

In haar brief aan de Kamer schrijft Bertram dat ze ondernemers niet “aan het onmogelijke” wil houden. Daarmee geeft ze een duidelijk signaal: verduurzaming is de koers, maar de overheid erkent dat niet iedereen in hetzelfde tempo kan meebewegen. Dat evenwicht tussen ambitie en uitvoerbaarheid is een terugkerend thema in het huidige klimaatbeleid rond mobiliteit. Toch maakt Bertram geen compromis op de richting zelf: schone binnensteden blijven het doel.
Brede steun onder betrokkenen
Ambtenaren schrijven in een ambtelijk adviesstuk dat er onder betrokkenen brede steun bestaat voor de voorgestelde maatregel. Het gaat daarbij om de principiële keuze om autobussen onder de uitstootvrije zones te kunnen laten vallen. Dat draagvlak is relevant, omdat de invoering van zero-emissiezones in het verleden regelmatig op weerstand stuitte vanuit het bedrijfsleven. Vervoerders en brancheorganisaties zijn dus kennelijk bereid mee te denken over een gefaseerde aanpak voor bussen. Overigens betreft het hier een constatering uit intern ambtelijk overleg, geen formeel vastgesteld maatschappelijk standpunt.
Wat betekent dit voor reizigers en steden?
Voor dagelijkse reizigers die gebruikmaken van touringcars of andere grote bussen, zijn de gevolgen op korte termijn beperkt. De regelwijziging treedt immers pas in 2029 in werking en alleen als een gemeente daar actief voor kiest. Wel kunnen steden die al sterk inzetten op schone lucht, zoals Amsterdam of Utrecht, de nieuwe mogelijkheid snel omarmen. Daardoor kunnen busroutes door binnensteden in de toekomst andere eisen stellen aan vervoerders dan nu het geval is.

Daarnaast raakt de maatregel ook touringcarbedrijven die toeristen naar Nederlandse steden vervoeren. Buitenlandse vervoerders met oudere, meer vervuilende bussen kunnen in de toekomst voor een gesloten deur komen te staan. Dat vraagt om heldere communicatie vanuit gemeenten richting internationale reisorganisaties. Bovendien moeten vervoerders tijdig weten aan welke eisen hun vloot moet voldoen, zodat zij investeringsbeslissingen kunnen plannen.
Een volgende stap in het emissiebeleid
De stap past in een bredere trend waarbij Nederlandse gemeenten steeds meer instrumenten krijgen om de luchtkwaliteit in binnensteden te verbeteren. De invoering van zero-emissiezones voor bestel- en vrachtverkeer begon al eerder en wordt nu gefaseerd verder uitgebreid. Andere Europese steden, zoals Londen en Parijs, gingen Nederland al voor met strenge emissie-eisen voor bussen. Nederland sluit daarmee langzamerhand aan bij een Europese beweging richting schoner stadsverkeer.
De keuze om autobussen in de categorieën M2 en M3 toe te voegen aan de mogelijke reikwijdte van uitstootvrije zones, is bovendien logisch vanuit milieuperspectief. Grote voertuigen die veel kilometers door drukke stadsbuurten rijden, hebben een aanzienlijke impact op de lokale luchtkwaliteit. Door ook die categorie aan te pakken, vergroot de overheid de effectiviteit van het beleid. Echter blijft het uiteindelijk aan gemeenten om de maatregel daadwerkelijk in te voeren.

De komende periode werkt Bertram de regelwijziging verder uit. Wanneer de aangepaste regels formeel worden vastgesteld en wat de exacte juridische voorwaarden voor uitzonderingen zijn, is nog niet bekendgemaakt. Gemeenten, vervoerders en brancheorganisaties krijgen daarmee in ieder geval tot 2029 de tijd om zich voor te bereiden op een mogelijke invoering in hun regio.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, Nieuws.nl










