Drie Kamerfracties trekken samen op voor gratis laptops in het onderwijs, maar de staatssecretaris gooit het plan direct terug. Judith Tielen (Onderwijs, VVD) ziet het probleem als beperkt en vraagt zich hardop af of Nederland er überhaupt geld voor over moet hebben. Daarmee belandt een breed gesteund voorstel meteen in zwaar weer, nog voor er ook maar een wetswijziging op tafel ligt.
Brede coalitie met één doel
D66, VVD en GroenLinks-PvdA, dat binnenkort verdergaat als PRO, willen dat scholen laptops of tablets kunnen aanschaffen voor hun leerlingen. Daarvoor kijken ze naar de wet die momenteel al de gratis schoolboeken regelt. Zij vragen staatssecretaris Tielen of digitale leermiddelen aan die bestaande wet kunnen worden toegevoegd. Het is opvallend dat drie partijen met uiteenlopende politieke achtergronden hier gezamenlijk optrekken. Bovendien lopen de ideeën over de financiering binnen die coalitie al snel uiteen.
Voor Arend Kisteman van de VVD is de zaak helder: hij wil geen extra geld uittrekken. Volgens hem moeten scholen slimmer omgaan met hun huidige budget. Zo opperde hij dat scholen zuiniger kunnen omgaan met schoolboeken, waardoor er ruimte vrijkomt voor laptops. Ilana Rooderkerk van D66 noemde dat een interessante gedachte. Haar partij gaat nog een stap verder en wil een verbod op wegwerpschoolboeken, precies om dit soort financiële ruimte te creëren.
Moorman legt de vinger op de zere plek
Marjolein Moorman van GroenLinks-PvdA ziet het initiatief als een kans om ongelijkheid in het onderwijs aan te pakken. Zij wijst op het zogenaamde ‘bring your own device’-beleid, waarbij leerlingen hun eigen laptop of tablet meenemen naar school. Dat leidt er volgens haar toe dat kinderen uit minder welgestelde gezinnen achterblijven. Daarnaast verliest de overheid grip op het digitale aanbod, terwijl scholen het beste gepositioneerd zijn om goede keuzes te maken voor alle leerlingen. Bovendien noemde Moorman ook de externe inhuur van docenten als mogelijke bezuinigingspost om middelen vrij te spelen.
Toch stuitte het plan in de Kamer ook op interne spanning. Kisteman stelde dat het óf schoolboeken óf laptops kan zijn, niet allebei. Moorman reageerde scherp: “Dus volgens de VVD heb je óf een laptop óf schoolboeken?” Die uitwisseling toont aan dat de gezamenlijke wens om iets te regelen nog geen gezamenlijk antwoord geeft op de vraag hoe dat dan betaald moet worden. Als het financieel echt niet lukt binnen bestaande budgetten, vindt Moorman dat er gewoon extra geld beschikbaar gesteld moet worden.
Staatssecretaris twijfelt aan de urgentie
Staatssecretaris Judith Tielen reageerde op het voorstel met opvallende terughoudendheid. Zij stelt dat leerlingen die een laptop of tablet nodig hebben, die over het algemeen al bezitten. Volgens haar is het praktische probleem dus beperkt. Bovendien becijferde ze dat het wettelijk verstrekken van gratis devices jaarlijks 221 miljoen euro zou kosten. “Ik zou niet weten waar ik dat nu vandaan zou moeten halen”, zei Tielen, “en de vraag is ook of we dat zouden moeten willen, omdat het praktische probleem beperkt is.”
Dat antwoord schrok Moorman op. Zij benadrukte nogmaals dat zij het een “ontzettend groot probleem” vindt. Bovendien legde ze de kosten in perspectief: 221 miljoen euro is volgens haar “niks op een begroting van 57 miljard”. Hier ligt dus een duidelijke tegenstelling. De staatssecretaris ziet geen acuut probleem, terwijl de initiatiefnemers van mening zijn dat digitale ongelijkheid in het onderwijs nu al schrijnend is.
Ongelijkheid blijft een heikel punt
De vraag hoe groot de digitale kloof tussen leerlingen werkelijk is, blijft vooralsnog onbeantwoord. Er zijn geen cijfers naar buiten gebracht die de omvang ervan precies in beeld brengen. Dat maakt het debat lastig, omdat partijen van tegengestelde uitgangspunten redeneren. Enerzijds stelt Tielen dat de meeste leerlingen al over een device beschikken. Anderzijds wijzen Moorman en haar medestanders erop dat ‘beschikken over’ niet hetzelfde is als ’toegang hebben tot een goed werkend apparaat’. Bovendien is de kwaliteit van meegebrachte apparaten lang niet altijd gelijk.
Het initiatief raakt daarmee aan een bredere discussie over gelijke kansen in het onderwijs. Digitale vaardigheden zijn inmiddels onlosmakelijk verbonden met schoolsucces. Leerlingen die thuis geen betrouwbare laptop hebben, lopen een structureel risico op achterstand. Dat risico wordt groter naarmate het onderwijs verder digitaliseert. Toch is het op dit moment niet wettelijk verankerd dat elke school een device beschikbaar stelt, en dat wil dit drietal Kamerfracties veranderen.
Politieke druk op Tielen neemt toe
Met drie partijen die samen optrekken, is de politieke druk op Tielen aanzienlijk. Opmerkelijk is bovendien dat de VVD, de eigen partij van de staatssecretaris, mede achter het voorstel staat. Kisteman en Tielen lopen daarbij inhoudelijk niet volledig synchroon: de staatssecretaris ziet de urgentie niet, haar partijgenoot in de Kamer wil juist wél iets regelen, zij het budgetneutraal. Die interne spanning maakt de positie van Tielen er niet eenvoudiger op.
Vooralsnog is er geen concreet wetsvoorstel ingediend. Het gaat om een politieke verkenning, waarbij de Kamer de staatssecretaris vraagt mee te denken over de haalbaarheid. Tielen heeft haar scepsis duidelijk geuit, maar het debat is daarmee nog niet beslecht. De komende weken zal moeten blijken of de coalitie van D66, VVD en GroenLinks-PvdA voldoende druk opbouwt om de staatssecretaris alsnog tot actie te bewegen, of dat het plan strandt op de financiële bezwaren vanuit het ministerie.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, Nieuws.nl











