Terwijl het kabinet-Jetten als minderheidskabinet opereert zonder gegarandeerde meerderheid in de Tweede Kamer, presenteert het op Prinsjesdag 2026 een omvangrijk begrotingspakket. Van miljarden voor de woningmarkt tot nieuwe communicatiemiddelen voor militairen: de plannen raken vrijwel iedere Nederlander. Toch hangt over veel voorstellen de vraag of ze het parlement halen.

Wonen staat centraal: miljarden voor starters en gemeenten
Een van de meest opvallende investeringen betreft de woningmarkt. Het kabinet trekt de komende jaren 7 miljard euro uit om het tekort aan woningen aan te pakken. Dat geld moet nieuwe bouwprojecten vlot trekken die anders financieel niet haalbaar zijn. Bovendien kunnen gemeenten daarmee sneller grond aankopen tegen redelijke prijzen, voordat speculanten dat doen.
Specifiek voor starters is er goed nieuws. Het Nationaal Fonds Betaalbare Koop krijgt 100 miljoen euro extra. Dat fonds helpt mensen die net te weinig verdienen om zelfstandig een eerste huis te kopen. Bovendien is de investering in woningbouw ook bedoeld voor de aanleg van infrastructuur, zoals nieuwe wegen en stroomkabels.

Defensie groeit door, maar minder hard dan vorig jaar
Het defensiebudget stijgt van 26,8 miljard euro dit jaar naar 28,9 miljard euro volgend jaar. Dat is een stijging van 2,1 miljard euro. Ter vergelijking: dit jaar steeg het budget nog met 3,4 miljard. Het leeuwendeel van het budget, ruim 14 miljard euro, gaat naar materieel, innovatie en vastgoed. Daarnaast gaat ruim 3 miljard euro naar steun aan Oekraïne.
Volgens de plannen krijgen militairen volgend jaar nieuwe radio’s, zodat ze in het veld beter kunnen communiceren. Omdat Defensie fors wil groeien in personeel, worden opleidingen naar verluidt ingekort. Hoeveel sneller precies, maakt de begroting niet duidelijk. Naast het defensiebudget trekt het kabinet ook extra geld uit voor niet-militaire steun aan Oekraïne.
Zorg wordt duurder, maar ouderen krijgen gratis prik
Het eigen risico gaat voor het eerst in elf jaar omhoog: van 385 euro dit jaar naar ongeveer 400 euro volgend jaar. Dat raakt miljoenen Nederlanders direct in de portemonnee. Tegelijkertijd staat daar een compenserende maatregel tegenover: ouderen ontvangen voortaan een gratis vaccinatie tegen gordelroos. Daarvoor is 400 miljoen euro beschikbaar.

Bovendien trekt het kabinet structureel 162 miljoen euro uit om Nederland beter voor te bereiden op toekomstige pandemieën. Daarvan gaat circa 122 miljoen euro naar versterking van de GGD. Ook de bestrijding van exotische muggen staat op de agenda: 2 miljoen euro per jaar voor de aanpak van onder meer de tijgermug en het westnijlvirus, dat dit jaar al drie levens heeft geëist.
Belastingen, energie en klimaat: wie betaalt, wie profiteert
Werkenden houden volgend jaar iets meer over: de arbeidskorting stijgt met 173 euro. Daarnaast gaat het belastingtarief in de eerste schijf met 0,06 procentpunt omlaag. Echter, de inkomensgrens voor het hoge belastingtarief van 49,5 procent wordt bevroren op 78.426 euro per jaar. Dat betekent dat hogere middeninkomens sneller het toptarief betalen.

Voor lage inkomens komt er een Noodfonds Energie van 193 miljoen euro. Dat fonds helpt naar schatting een half miljoen huishoudens met de stijgende energierekening. Tegelijkertijd bouwt het kabinet de tijdelijke accijnsverlaging op benzine en diesel af, al blijft 750 miljoen euro beschikbaar als verzachting aan de pomp. Voor verduurzaming is een flinke pot beschikbaar: 6 miljard euro totaal, waarvan 1,6 miljard voor bedrijven en 500 miljoen voor huishoudens die warmtepompen willen aanschaffen of hun huis willen isoleren.
Onderwijs en veiligheid krijgen ook extra middelen
Scholen in het basis- en voortgezet onderwijs ontvangen volgend jaar gezamenlijk 500 miljoen euro. Dat geld moeten ze verplicht besteden aan het verbeteren van lezen, schrijven en rekenen, minimaal 206 euro per leerling. Bovendien is er meer dan 10 miljoen euro voor verantwoord gebruik van kunstmatige intelligentie in de klas.
Op het gebied van veiligheid richt het kabinet een nieuwe organisatie op die buitenlandse beïnvloeding van de democratie moet opsporen. Die organisatie krijgt jaarlijks 10 miljoen euro. Daarnaast groeit het budget van de AIVD volgend jaar met 25 miljoen euro, oplopend tot het dubbele in 2030. Gemeenten krijgen tot 2035 oplopende steun om zich beter te weren tegen cyberaanvallen en andere externe dreigingen.

Asiel, uitkeringen en de sociale zekerheid
Op het terrein van asiel en migratie rekent het kabinet op een dalende instroom. De verwachte uitgaven zakken van 8 miljard euro nu naar circa 5 miljard euro in 2031. Hoeveel die verwachting klopt, is onzeker. Volgend jaar is er 6 miljoen euro extra voor speciale opvang van asielzoekers die overlast veroorzaken, en bijna 29 miljoen euro voor terugkeersamenwerking met landen buiten de EU.
Opmerkelijk is wat het kabinet niet doorvoert: de AOW gaat niet versneld omhoog zoals eerder gepland, uitkeringen voor werklozen en arbeidsongeschikten worden niet verlaagd en de verkorting van de WW-uitkering van twee naar één jaar is een jaar uitgesteld. Die keuzes laten zien dat het kabinet zijn plannen afstemt op de politieke haalbaarheid in een parlement zonder vaste meerderheid. Negentig nieuwe meedoenbalies moeten mensen met een recente verblijfsvergunning sneller naar werk begeleiden.

De begrotingsplannen liggen nu bij de Tweede Kamer. Als minderheidskabinet heeft het kabinet-Jetten voor elk voorstel afzonderlijk steun nodig. Later dit najaar volgt bovendien de lijst met infrastructuurprojecten die geen doorgang vinden. De echte strijd over de begroting 2027 begint dan pas.










