Minister Sjoerd Sjoerdsma (Buitenlandse Handel, D66) verwacht dat het overleg tussen de Europese Unie en China geen allesomvattend akkoord oplevert. Dat zei hij donderdag in de Tweede Kamer. De twee blokken praten op dit moment in Beijing met elkaar over hun handelsrelatie, die al langer onder druk staat.

Achter dat overleg zit een Europese zorg met een concreet cijfer: China houdt volgens het kabinet een handelsoverschot van meer dan 1 miljard euro per dag over aan het handelsverkeer met de EU. Brussel wil daarom de oneerlijke concurrentie uit China aanpakken. Sjoerdsma schetste in de Kamer wat Europa wil bereiken en wat realistisch is.
Minister rekent niet op een totaaloplossing
Sjoerdsma sprak in de Tweede Kamer zijn verwachting uit over de uitkomst van het overleg in Beijing. Volgens hem is een allesomvattend akkoord tussen de EU en China niet haalbaar. Die inschatting is belangrijk, omdat de uitkomst van het overleg bepaalt hoe Europa daarna verder omgaat met de Chinese handelspraktijken.
Het gaat daarbij om de Europese Unie als geheel, niet om Nederland alleen. Handelsbeleid is een Europese bevoegdheid, dus de onderhandelingen in Beijing worden namens alle lidstaten gevoerd. De Nederlandse minister gaf in Den Haag aan welke verwachtingen het kabinet heeft en welke doelen Nederland de EU wil meegeven.
Meer dan 1 miljard euro per dag
Het centrale probleem is volgens Brussel het grote verschil tussen wat China naar de EU verkoopt en wat het uit de EU afneemt. Het gaat om een handelsoverschot van meer dan 1 miljard euro per dag. Dat bedrag illustreert waarom de Europese Unie de handelsrelatie met China niet langer ongewijzigd wil laten.
Europa schrijft dat overschot onder meer toe aan oneigenlijke staatssteun, zoals subsidies. Volgens de Europese lezing krijgen Chinese bedrijven daardoor een voordeel dat Europese concurrenten niet hebben. Brussel noemt dat oneerlijke concurrentie en wil die aanpakken, zodat bedrijven aan beide kanten onder vergelijkbare voorwaarden kunnen handelen.

Eerste doel: markttoegang en minder export
Sjoerdsma noemde drie dingen die de EU wil bereiken. Het eerste doel is betere markttoegang voor Europese bedrijven in China. Dat moet gepaard gaan met minder export vanuit China naar de Europese markt. Zo wil Brussel de handel evenwichtiger maken en de eenzijdige stroom van goederen verkleinen.
Dat doel raakt direct aan het genoemde overschot. Als Europese bedrijven makkelijker toegang krijgen tot de Chinese markt en tegelijk minder Chinese producten Europa binnenkomen, daalt het dagelijkse verschil in handelswaarde. Voor Europese ondernemers die in China willen verkopen, kan betere toegang het verschil maken tussen uitbreiden en achterblijven.
Tweede doel: staatssteun beperken
Het tweede doel is het beperken van de staatssteun. Volgens Europa maakt juist die steun, zoals subsidies, het overschot mogelijk. Door de steun terug te dringen wil Brussel de speelruimte van Chinese bedrijven verkleinen en eerlijker concurrentie op de Europese markt afdwingen.
Dit punt ligt het dichtst bij de kern van de Europese klacht. De EU noemt de steun oneigenlijk, omdat die bedrijven in staat zou stellen producten te leveren tegen voorwaarden die anderen niet kunnen evenaren. Sjoerdsma noemde het beperken van die steun uitdrukkelijk als een van de drie hoofddoelen voor het overleg.

Derde doel: kritieke grondstoffen
Het derde doel gaat over grondstoffen. Bij China moet worden aangedrongen om zeer omzichtig om te gaan met exportcontrolemaatregelen voor kritieke grondstoffen. Het gaat dus niet om een verbod, maar om een oproep tot terughoudendheid bij het beperken van de uitvoer van materialen die Europese bedrijven nodig hebben.
Exportcontroles op zulke grondstoffen kunnen leveringen aan Europese bedrijven raken. Daarom wil de EU dat China voorzichtig handelt met dit instrument. In de Kamer stond dit punt naast het streven naar betere markttoegang en het terugdringen van staatssteun als derde pijler van de Europese inzet.
Eerst een deal voor een of twee sectoren
Sjoerdsma verwacht dat Eurocommissaris Maroš Šefčovič (Handel) zal proberen het eens te worden over maatregelen voor een of twee sectoren. Een volledig akkoord over alles ligt dus niet in het verschiet, maar mogelijk wel een afspraak voor een beperkt deel van de handel. Die inzet past bij zijn verwachting dat een totaaloplossing uitblijft.
Zo’n sectorale afspraak zou volgens Sjoerdsma als basis dienen voor verder overleg. Het overleg in Beijing is in die lezing geen eindpunt, maar een eerste stap. Een beperkte deal kan het vertrouwen vergroten en de weg openen naar bredere afspraken over de overige onderdelen van de handelsrelatie.
Beschermende maatregelen als terugvaloptie
Komen de EU en China er niet uit, dan moet Europa volgens Sjoerdsma ‘beschermende maatregelen’ niet uitsluiten. Daarmee houdt de minister een mogelijkheid open voor het geval het overleg niets oplevert. Hij sprak overigens niet van een besluit: het gaat om een optie die de EU niet van tafel moet halen.

Sjoerdsma is sinds februari 2026 minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking in het kabinet-Jetten. Hij was eerder Kamerlid voor D66 en werkte bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. In juli leidde hij een handelsmissie naar China, waar hij onder meer in Beijing sprak met zijn Chinese ambtgenoot Wang Wentao.










