Het hoogste adviescollege van Nederland stelt een opvallende stap voor: pas de Grondwet aan zodat kinderen en kleinkinderen juridisch zijn beschermd tegen de gevolgen van beleidsbeslissingen van vandaag. De Raad van State presenteerde dit voorstel woensdag in zijn jaarverslag, gericht aan het kabinet. Daarmee zet het adviescollege een fundamentele discussie op scherp over wie de politiek eigenlijk dient.
Politiek kijkt te weinig vooruit
De kern van de kritiek is helder: de politiek richt zich te sterk op de problemen en belangen van het heden. Dat is begrijpelijk, maar onvoldoende, vindt de Raad van State. Besluiten over pensioenen, klimaat, migratie en woningbouw werken namelijk tientallen jaren door. Wie nu kiest, bepaalt daarmee ook de leefomstandigheden van mensen die nu nog niet kunnen stemmen. Dat maakt het des te belangrijker dat wetgeving structureel verder vooruitkijkt dan de eerstvolgende verkiezingen.
Hoewel er initiatieven bestaan om toekomstige belangen mee te wegen, zijn die volgens de adviseurs onvoldoende. “Veel initiatieven bevinden zich nog in een pril stadium”, schrijft de raad in zijn verslag. Bovendien zijn ze “nog te vrijblijvend” van aard. Daarmee bedoelt de raad dat er geen afdwingbaar kader bestaat. De politiek kan toekomstbelangen negeren zonder juridische consequenties. Dat wil de Raad van State veranderen.
Grondwettelijke verankering als oplossing
Het adviesorgaan oppert concreet om te onderzoeken of het “wenselijk is de belangen van toekomstige generaties constitutioneel te verankeren”. Een Grondwetswijziging zou zowel de rechter als het kabinet een duidelijke “grondwettelijke opdracht” geven. Daarmee kunnen belangen van toekomstige generaties juridisch worden afgedwongen, niet alleen beleidsmatig worden aanbevolen. Dat is een wezenlijk verschil.
Toch plaatst de Raad van State zelf ook een kanttekening bij dit idee. De Grondwet is van oudsher “terughoudend en sober” van opzet. Het is daarom de vraag of een uitbreiding met toekomstrechten daar goed bij past. Dat afwegingsvraagstuk laat de raad bewust open. Vervolgens is het aan de politiek om die afweging te maken. Het adviescollege heeft zijn taak gedaan door het op de agenda te zetten.
Meer mogelijkheden naast Grondwetswijziging
De Raad van State beperkt zich niet tot één aanbeveling. Het verslag bevat meerdere concrete opties. Zo noemt het college de mogelijkheid om beter gebruik te maken van bestaande sociale grondrechten, die de overheid al verplichten te zorgen voor zaken als milieu en onderwijs. Daarnaast oppert de raad het instellen van zogeheten “toekomstambassadeurs” en speciale ombudsmannen die opkomen voor latere generaties.
Bovendien pleit het adviescollege voor meer gebruik van burgerberaden bij complexe, langetermijnvraagstukken. Ook kunnen scenario’s worden doorgerekend om inzichtelijk te maken welke rechten en belangen in de toekomst op het spel staan. Daarnaast zou het kabinet langjarige akkoorden kunnen sluiten met maatschappelijke organisaties. Zo ontstaat continuïteit in beleid, ook als de politieke wind draait. De raad erkent echter dat al deze instrumenten alleen werken als er politieke wil is om ze serieus in te zetten.
Raad van State kritisch op eigen rol
Opvallend is dat de Raad van State ook zichzelf onder de loep neemt. De adviesafdeling toetst standaard nieuwe wetgeving op uitvoerbaarheid en juridische kwaliteit. Voortaan wil de raad bij die adviezen ook structureel de “toekomstgerichtheid” betrekken. Daarmee neemt het adviescollege een actievere rol op zich in het bewaken van langetermijnbelangen. Dat is een signaal aan het kabinet dat dit vraagstuk serieus wordt genomen, ook vanuit de advieskant.
Eerder, op 14 april, uitte de Raad van State al kritiek op de voorjaarsbegroting van het kabinet-Jetten. De belastingverhoging werd daarin als onevenwichtig beschreven. Ook de geplande bezuiniging op ambtenaren werd als onzeker gekwalificeerd. Beide signalen samen schetsen een beeld van een adviescollege dat het kabinetsbeleid kritisch volgt, zowel op de korte als op de lange termijn.
Wat betekent dit voor burgers
Voor gewone burgers is de boodschap van de Raad van State concreet. Beslissingen over pensioenen raken de financiële zekerheid van jongere generaties. Klimaatbeleid bepaalt in welke leefomgeving kinderen opgroeien. Keuzes over woningbouw beïnvloeden of jongeren ooit een eigen woning kunnen kopen. Al deze dossiers hebben één ding gemeen: de gevolgen treffen mensen die nu nog geen stem hebben in de democratie. Juist daarom pleit de raad voor structurele waarborgen.
De vraag is nu of het kabinet iets met dit advies doet. De Raad van State heeft geen bevoegdheid om zijn aanbevelingen af te dwingen. Toch heeft het jaarverslag politiek gewicht: het is een formeel signaal van het hoogste adviescollege van Nederland. Regeringspartijen en de Tweede Kamer zullen zich moeten verhouden tot de vraag of de belangen van toekomstige generaties beter moeten worden verankerd in de wet.
Volgende stap aan het kabinet
Het kabinet heeft nog niet gereageerd op het jaarverslag van de Raad van State. Verwacht wordt dat de aanbevelingen betrokken worden bij de lopende discussies over Grondwetsherziening en langetermijnbegroting. De Tweede Kamer kan het adviescollege uitnodigen om de bevindingen toe te lichten. Hoe dan ook heeft de Raad van State met dit verslag een politiek debat aangewakkerd dat moeilijk te negeren valt. De vraag is niet meer óf toekomstige generaties een plek verdienen in de wetgeving, maar hoe dat het best kan worden geregeld.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, NRC, Nieuws.nl, Trouw











