Een man die al achter de tralies zit voor de moord op tien patiënten, staat mogelijk aan het begin van een nog veel groter strafrechtelijk dossier. Duitse aanklagers onderzoeken of de veroordeelde oud-verpleger ook verband houdt met meer dan 120 andere verdachte sterfgevallen. Daarmee groeit dit zaak uit tot een van de meest schokkende zorgschandalen in de recente Duitse geschiedenis.

Levenslang, maar het onderzoek gaat verder
In 2025 sprak een Duitse rechtbank een levenslange gevangenisstraf uit tegen de man. Hij werd schuldig bevonden aan de moord op tien patiënten en aan 27 pogingen tot moord. De rechtbank achtte bewezen dat hij ernstig zieke patiënten om het leven had gebracht. Daarmee leek de zaak juridisch afgesloten. Dat bleek echter een misvatting.

Want aanklagers bleven doorzoeken, doorvragen en doorreconstrueren. Bovendien kwamen er signalen dat het werkelijke aantal verdachte sterfgevallen aanzienlijk hoger lag. Dat vermoeden groeit nu uit tot een formeel onderzoek, zo melden ANP en DPA op 10 augustus 2026 vanuit Aken. De omvang van de potentiële betrokkenheid schudt het vertrouwen in de gezondheidszorg opnieuw door elkaar.

Meer dan 120 gevallen in het vizier
Het getal dat nu rondgaat is indrukwekkend en verontrustend tegelijk. Aanklagers linken de ex-verpleger mogelijk aan meer dan 120 andere verdachte sterfgevallen. Dat is een dramatische uitbreiding ten opzichte van de al bewezen tien moorden. Het gaat daarbij nadrukkelijk om verdachte gevallen, niet om bewezen feiten.

Omdat de bronnen geen verdere details geven over de exacte werkwijze of de omstandigheden van die mogelijke zaken, is voorzichtigheid geboden. Toch is het signaal duidelijk: het strafrechtelijk onderzoek beperkt zich niet langer tot de al vastgestelde feiten. Integendeel, het breidt zich fors uit. Onderzoekers bekijken of sterfgevallen die eerder als natuurlijk werden beschouwd, alsnog in verband staan met de veroordeelde man.

Een patroon dat pas later zichtbaar wordt
Dit soort zaken kenmerkt zich door een tragisch patroon. Slachtoffers zijn ernstig ziek op het moment dat zij overlijden in een zorginstelling. Daardoor wekt hun dood aanvankelijk geen argwaan. Artsen en collega’s signaleren niets bijzonders, want een sterfgeval past bij de toestand van de patiënt. Bovendien vervagen bewijzen met de tijd.

Pas later, als een eerste verdenking rijst en onderzoekers terugkijken, worden patronen zichtbaar die eerder aan de aandacht ontsnapten. Dat maakt dit type zorgmoord bijzonder moeilijk te vervolgen. Desondanks slagen aanklagers er soms in om, lang na de feiten, slachtoffers alsnog te identificeren. Dat lijkt ook nu het geval te zijn, al is de precieze stand van het onderzoek vooralsnog niet volledig duidelijk.

Wat dit betekent voor nabestaanden
Voor nabestaanden van patiënten die in dezelfde instelling of in dezelfde periode stierven, roept dit nieuws onvermijdelijk pijnlijke vragen op. Zij vroegen zich misschien al af of het overlijden van hun dierbare wel klopte. Nu groeit de onzekerheid opnieuw. Bovendien brengt een hernieuwd onderzoek onvermijdelijk nieuw verdriet met zich mee, zelfs als het uiteindelijk geen nieuwe verdenkingen oplevert.

Tegelijkertijd biedt een uitgebreid onderzoek nabestaanden ook de kans op antwoorden. Dat is een dubbelzinnige situatie. Aan de ene kant bestaat de hoop op duidelijkheid, aan de andere kant de angst voor wat die duidelijkheid dan precies zal onthullen. Welke reacties er officieel zijn van slachtofferorganisaties of de Duitse overheid, is op basis van de beschikbare informatie nog niet bekend.

Omvang maakt zaak uitzonderlijk
Duitsland heeft eerder te maken gehad met strafzaken waarbij zorgpersoneel werd verdacht van moord op patiënten. De meest bekende zaak is die van Niels Högel, een verpleger die uiteindelijk werd veroordeeld voor meer dan 80 moorden. Daarmee werd hij beschouwd als een van de meest productieve seriemoordenaars in de naoorlogse Duitse geschiedenis. De huidige zaak roept onvermijdelijk associaties op met die affaire, al gaat het hier om een andere verdachte in een andere zaak.

Als de nieuwe verdenkingen in dit dossier standhouden, zou ook deze zaak uitgroeien tot een van de zwaarste uit de Duitse rechtsgeschiedenis. Daarvoor is echter meer onderzoek nodig. Aanklagers brengen de man momenteel mogelijk in verband met de extra sterfgevallen. Dat is een wezenlijk ander stadium dan een formele aanklacht of veroordeling.

Onderzoek bevindt zich in vroeg stadium
Wat nu volgt is een langdurig en arbeidsintensief juridisch traject. Onderzoekers zullen dossiers moeten doorlopen, mogelijk lijken opgraven voor sectie en getuigenissen opnieuw moeten afwegen. Dat kost tijd, soms jaren. Bovendien is er geen garantie dat het onderzoek tot nieuwe aanklachten leidt. De bewijslast voor moord is zwaar, zeker als er veel tijd verstreken is en de directe omstandigheden van een sterfgeval destijds niet als verdacht zijn aangemerkt.

Desondanks toont de huidige situatie aan dat een veroordeling geen eindpunt hoeft te zijn. Zolang er aanwijzingen bestaan dat meer slachtoffers zijn gevallen, blijven aanklagers hun werk doen. Dat is juridisch correct en moreel noodzakelijk, ook als de uitkomst onzeker is. De oud-verpleger zit vast en ontkomt niet aan verdere confrontatie met zijn verleden. Hoe ver dat verleden precies reikt, zal de komende tijd moeten blijken.
Bronnen en credits
Bronnen: Nieuws.nl, Telegraaf.nl










