De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) kan volgend jaar niet meer optreden tegen illegale taxichauffeurs. De toezichthouder heeft simpelweg geen budget meer voor gerichte acties in de taxibranche. Dat is opmerkelijk, want juist illegaal taxivervoer geldt al jaren als een hardnekkig probleem in grote steden.

Bezuinigingen dwingen tot keuzes
De ILT staat al langer onder financiële druk. Zowel het huidige als het vorige kabinet heeft bezuinigd op de Rijksoverheid, en tijdelijke financiering voor de toezichthouder loopt af. Daardoor daalt de begroting van de ILT gestaag, oplopend tot een tekort van 14,6 miljoen euro in 2031. Voor volgend jaar bedraagt de begroting nog 251,6 miljoen euro, maar de marges worden krapper.
Bovendien stijgen de kosten van leveranciers, en moet de organisatie flink investeren in ICT. Die combinatie van factoren maakt dat de ILT, in haar eigen woorden, tot ‘nog scherpere keuzes’ moet komen over waar personeel en geld naartoe gaan. Het gevolg is dat sommige toezichtsterreinen minder aandacht krijgen, terwijl andere juist prioriteit krijgen.
Inspecteur-generaal Mattheus Wassenaar is daar open over in het jaarplan van de organisatie. Hij waarschuwt dat de ILT niet langer overal dezelfde mate van toezicht kan bieden. Volgens hem zal dat merkbaar zijn en kan het botsen met wat de samenleving van de toezichthouder verwacht.

Illegale taxi’s buiten schot
Voor de taxibranche betekent dit concreet dat de ILT onvoldoende budget heeft voor acties tegen illegaal taxivervoer. Waar de toezichthouder voorheen actief controleerde op chauffeurs zonder de juiste vergunningen of verzekeringen, ontbreekt daarvoor nu simpelweg de financiële ruimte. Dat is een gevoelig punt, omdat illegale taxichauffeurs regelmatig in het nieuws komen vanwege onveilige situaties en oneerlijke concurrentie met legale ondernemers.
Toch blijft de ILT niet volledig stil op dit dossier. De inspectie behoudt haar wettelijke basistaken, maar gerichte handhavingsacties tegen illegale praktijken vallen grotendeels weg. Daardoor krijgen malafide chauffeurs feitelijk meer ruimte om onopgemerkt te blijven opereren.

Ook gevaarlijke stoffen en lawaai treffen minder toezicht
De taxibranche is niet het enige terrein waar de ILT een stap terugdoet. Ook het toezicht op het vervoer van gevaarlijke stoffen verandert. De inspectie gaat daar meer risico- en datagericht werken, waarbij de aandacht vooral uitgaat naar sectoren waar toezicht het meeste effect heeft. Inspecties op de weg of bij bedrijven worden nog maar minimaal uitgevoerd, en beperken zich tot de wettelijke taken.
Daarnaast handelt de ILT minder vragen van burgers af over geluidshinder van vliegtuigen. Ook bij drinkwaterbedrijven verandert de aanpak: de inspectie stopt met prestatievergelijkingen tussen bedrijven en richt zich meer op het bestuur van die organisaties. Verder daalt het aantal strafrechtelijke onderzoeken van twintig naar vijftien per jaar, waarbij de meeste aandacht uitgaat naar milieucriminaliteit.
Andere onderwerpen krijgen juist voorrang
Terwijl sommige terreinen inleveren, krijgen andere juist meer aandacht. De controle op producten van webshops van buiten de Europese Unie wordt intensiever, met meer controles aan de grens in samenwerking met andere instanties. Dat past bij de groeiende zorgen over de veiligheid van producten die via Aziatische webshops Nederland binnenkomen.

Ook pfas-vervuiling en cyberweerbaarheid staan hoger op de agenda van de ILT. Volgens Wassenaar blijft daarnaast veel aandacht uitgaan naar de bodemkwaliteit. Het toezicht op het beheer van belangrijke dijken en dammen wordt vanaf volgend jaar eveneens meer risicogericht ingericht, in plaats van breed en generiek.
Wat betekent dit voor de samenleving
Voor burgers en bedrijven kan de verschuiving in prioriteiten voelbaar worden. Wie klaagt over vliegtuiglawaai, krijgt mogelijk minder snel of minder uitgebreid antwoord van de inspectie. Bedrijven die gevaarlijke stoffen vervoeren, worden minder vaak fysiek gecontroleerd, omdat de ILT zich richt op data-analyse in plaats van steekproeven op de weg.

Voor de taxisector is het gevolg wellicht het meest concreet. Zonder gerichte handhaving tegen illegale chauffeurs blijft het risico bestaan dat consumenten instappen bij vervoerders die niet aan de regels voldoen. Wassenaar erkent dat keuzes maken bij het werk van een inspectie hoort, maar benadrukt dat de ILT wil blijven daar waar ze de meeste maatschappelijke schade kan voorkomen.
Een toezichthouder in transitie
De ontwikkeling bij de ILT past in een breder patroon waarin overheidsdiensten door bezuinigingen gedwongen worden prioriteiten te herschikken. Waar vroeger breed toezicht de norm was, verschuift de aanpak nu naar risicogerichte inzet op plekken waar de kans op schade het grootst is. Dat klinkt efficiënt, maar betekent ook dat sommige overtredingen langer onopgemerkt kunnen blijven.
Critici zouden kunnen stellen dat juist zichtbare problemen, zoals illegale taxichauffeurs op straat, hierdoor minder snel worden aangepakt. Toch benadrukt de ILT dat de keuzes weloverwogen zijn en gebaseerd op waar de meeste maatschappelijke winst te behalen valt.

De komende maanden zal moeten blijken hoe deze verschuiving in de praktijk uitpakt. Voorlopig blijft de ILT vasthouden aan haar nieuwe koers, ook al betekent dat concessies op terreinen die burgers direct raken, zoals veiligheid in het taxivervoer en geluidsoverlast van vliegtuigen.
Bronnen en credits
Bronnen: Nederlands Dagblad, Nieuws.nl










