Sawsan Mhamdi was 35 jaar oud en had net datgene bereikt waarnaar ze zo verlangde: haar Nederlandse paspoort. Maar die vreugde duurde maar een paar dagen. Haar man Ahmed I. had al lang uitgesproken wat hij zou doen als het zover kwam. Op 1 juli 2026 beslist het gerechtshof of de veertien jaar cel die hij kreeg, in stand blijft.
Collega’s hoorden de dreiging al jaren eerder
Wat misschien het meest schokkende detail is in deze zaak, is hoe openlijk Ahmed I. over zijn plannen sprak. Collega’s verklaarden later dat hij regelmatig aangaf dat vrouwen moesten gehoorzamen. Europa gaf vrouwen volgens hem veel te veel vrijheid. En specifiek over Sawsan zei hij iets wat niemand serieus genoeg nam: zij zou hem verlaten zodra ze het Nederlanderschap had. Dat zou hij niet toestaan. Hij zou, zo zeiden zijn collega’s, een eind maken aan alles.
Toch werd er niet ingegrepen. Sawsan leefde jarenlang geïsoleerd in Reuver, een dorp in Limburg. Volgens haar familie werd ze stap voor stap afgesneden van de buitenwereld. Ze mocht niet werken. Haar sociale media verdwenen. Contacten met anderen werden beperkt. Zelfs mannelijke familieleden mochten haar niet omhelzen. Ahmed bepaalde wanneer ze het huis uit mocht en hoe lang. Soms was dat maximaal 25 minuten.
Videobellen als enige uitweg
Sawsan leerde Ahmed via internet kennen. Na hun huwelijk in 2012 kwam ze vanuit Tunesië naar Nederland. Haar familie zag haar daarna langzaam veranderen. De zelfstandige vrouw die zij kenden, raakte steeds verder ingekapseld door zijn controle. Videobellen met haar ouders, broers en zussen in Tunesië was een van de weinige lijnen die overbleven. Ook dat gebruikte Ahmed als controlemiddel: hij nam gesprekken op.
Op Ahmeds telefoon vond de politie later opnames waaruit de omvang van haar isolement bleek. Sawsan zei daarin: “Ik leef hier ongeveer tien jaar en ik heb niets.” Geen werk, geen rijbewijs, geen eigen inkomsten. Zelfs een beugel voor haar tanden mocht ze niet. Toch klonk er ook verzet in die opnames. Ze zei: “Ik zal meer aan mezelf denken. Dit is niet mijn lot.” Die woorden klinken nu anders dan ze bedoeld waren.

April 2022: het laatste bezoek aan haar familie
In april 2022 zag haar familie in Tunesië hoe bang Sawsan was. Haar vader smeekte haar te blijven. Ze durfde niet. Ze was bang dat Ahmed de kinderen naar Syrië zou ontvoeren als ze wegbleef, zo verklaarde haar familie. Ook zou hij haar hebben gedreigd haar met brandbare vloeistof te overgieten. Ze ging terug naar Nederland. Het was de laatste keer dat haar familie haar levend zag.
Op 11 juni 2022 belde ze vanuit Reuver met haar familie. Ze vertelde hoe blij ze was met haar Nederlandse paspoort. Tegelijk was ze bang dat Ahmed thuis zou komen en zou ontdekken dat ze aan het skypen was. Daarna werd niets meer van haar vernomen. Haar man gaf haar pas vier dagen nadat de Duitse politie een brandend lichaam had aangetroffen, als vermist op.
Lichaam in brand gestoken langs een snelweg in Münster
Ahmed bekende later tegenover justitie dat hij het lichaam van Sawsan eerst achter de bank had verborgen. Vervolgens rolde hij het in een tapijt en legde het in zijn auto. Met benzine reed hij naar het Duitse Münster. Daar liet hij haar lichaam achter bij een talud onder een brug langs een snelweg, overgoot het met brandstof en stak het in brand. Door de verbranding was de precieze doodsoorzaak achteraf niet meer vast te stellen.
Ondertussen stuurde hij via haar telefoon oude geluidsfragmenten naar haar familie, alsof ze nog leefde. Hij vertelde aan anderen dat Sawsan was weggelopen met een andere man, geld en goud had meegenomen en een slechte moeder was. Haar oudste zoon, destijds 6 jaar oud, vertelde later aan de politie dat hij ruzie had gehoord. Hij hoorde zijn moeder gillen. Daarna zag hij zijn vader met een schram op zijn wang naar buiten komen. Ze gingen een ijsje eten. Toen ze thuiskwamen, zochten de jongens naar hun moeder. Hun vader zocht niet mee.
Veroordeeld voor doodslag, niet voor moord
De rechtbank veroordeelde Ahmed I. tot veertien jaar cel, maar niet voor moord. De veroordeling luidde doodslag. De reden: voorbedachte raad kon juridisch niet worden aangetoond, ondanks de dreigementen die hij eerder had geuit en de verklaringen van zijn collega’s. Het Openbaar Ministerie omschreef de zaak als femicide: een vrouw gedood door haar partner omdat hij niet kon accepteren dat zij hem wilde verlaten.
Voor de familie van Sawsan schiet de veroordeling tekort. Hun advocaat stelde dat doodslag geen recht doet aan de jaren van controle, dreiging en angst waaronder Sawsan leefde. Bovendien zijn er twee kinderen die hun moeder verloren hebben. Niet omdat zij iets deed, maar omdat zij vrij wilde zijn.
Gerechtshof doet uitspraak
Op 1 juli 2026 buigt het gerechtshof zich over de vraag of de straf van veertien jaar in stand blijft. De zaak trekt opnieuw aandacht, omdat ze pijnlijk blootlegt hoe een patroon van dwingende controle onopgemerkt of ongestopt kan voortduren. Collega’s wisten het. De familie wist het. Sawsan zelf wist het het beste van allemaal. Ze was bang, maar ze droomde ook. Ze wilde werken, zelf beslissen en een eigen leven leiden. Die droom kostte haar het leven.
Bronnen en credits
Bronnen: NieuwRechts.nl, Telegraaf.nl











