Terwijl dertig mensen nietsvermoedend aanwezig waren in het partijkantoor van D66 aan de Lange Houtstraat in Den Haag, plaatste Berry van D. op 7 mei een explosief bij het gebouw. Donderdag stond hij voor de rechter en omschreef zijn daad als een protestactie. Het Openbaar Ministerie ziet dat heel anders: het verdenkt hem van handelen met een terroristisch oogmerk.
Explosie op een drukke avond
Op de avond van 7 mei 2026 liep het kantoor van D66 aan de Lange Houtstraat in Den Haag schade op na een explosie. Volgens het Openbaar Ministerie waren er op dat moment dertig mensen aanwezig in het pand, voornamelijk leden van de jongerentak van de partij. De explosie zorgde voor zichtbare schade aan het gebouw. Kort daarna werd Berry van D. aangehouden in de nabijgelegen Grote Marktstraat. Bij zijn aanhouding had hij twee messen bij zich.

De verdachte had lange tijd tegenover de politie geen verklaring willen afleggen over zijn motieven. Donderdag verbrak hij echter dat stilzwijgen. Voor het eerst gaf hij in de Rechtbank Den Haag openlijk tekst en uitleg over wat hem dreef. Daarmee werd voor het eerst publiekelijk duidelijk welk motief hij zelf aan zijn actie toeschrijft.
Verdachte schetst brede lijst van grieven
“Op 7 mei ben ik naar de Lange Houtstraat gegaan, uit protest, om schade aan het kantoor van D66 aan te richten”, verklaarde Berry van D. in de rechtszaal. Hij voegde daaraan toe dat hij met zijn actie aandacht wilde vragen voor wat hij omschreef als “de problematiek en afbraak van Nederland”. Het asielbeleid noemde hij daarbij als een van de aanleidingen.
Zijn lijst van grieven was echter breder. Zo noemde de verdachte ook de klimaatcrisis, de woningnood en wat hij zelf de “gendergekte” noemde. Bovendien uitte hij frustratie over het democratisch proces. “Met democratisch stemmen heb ik al jaren niets bereikt”, zei hij. “Met vreedzaam demonstreren schieten we ook niets op.” Hij deed verder een bewering over Extinction Rebellion en de steun die hij die beweging van D66 toedicht, al is dat uitsluitend zijn eigen lezing en geen vastgesteld feit.
Verdachte ontkent dat hij mensen wilde treffen
Berry van D. benadrukte in de rechtbank dat hij niet wist dat er mensen aanwezig waren in het pand op het moment van de explosie. “Het is nooit mijn intentie geweest om mensen in gevaar te brengen”, zei hij. Als bewijs daarvoor voerde hij aan dat hij bewust niet op een doorsnee kantoordag had gehandeld. “Als dit wel mijn intentie was geweest, was ik op een ambtenarentijd gekomen.”

Tegelijkertijd erkende de verdachte dat zijn actie buiten proportie was. “Ik ben me ervan bewust dat mijn protestactie buitenproportioneel is geweest”, zei hij. Vervolgens deed hij een opvallende uitspraak over een mogelijke toekomstige actie: “Bij een volgende actie ga ik het zeker anders doen, zonder cobra’s en vreedzaam.” Die woorden, over een volgende actie, zullen naar verwachting niet onopgemerkt voorbijgaan bij de rechtbank en het Openbaar Ministerie.
OM ziet terroristisch oogmerk
Het Openbaar Ministerie deelt de lezing van de verdachte over zijn motieven nadrukkelijk niet. De officier van justitie stelde donderdag dat Berry van D. een politieke boodschap had en andersdenkenden de mond wilde snoeren. Het OM verdenkt hem daarom van handelen met een terroristisch oogmerk. Dat is een zware juridische kwalificatie, die los staat van de verklaring die de verdachte zelf geeft. Er is vooralsnog geen sprake van een veroordeling.
Bovendien gaat het OM ervan uit dat Berry van D. alleen heeft gehandeld. Er zijn in de beschikbare informatie geen aanwijzingen dat anderen betrokken waren bij de aanslag op het D66-kantoor. Dat de verdachte bij zijn aanhouding twee messen bij zich had, versterkt het beeld dat justitie van hem heeft als iemand die bewust en voorbereid te werk ging.
Observatie in Pieter Baan Centrum volgt
Een opvallend element in de zaak is dat Berry van D. binnenkort voor observatie wordt opgenomen in het Pieter Baan Centrum. Dat is de forensisch-psychiatrische instelling waar de geestelijke gesteldheid van verdachten wordt onderzocht. De uitkomst van dat onderzoek kan van grote invloed zijn op het verdere verloop van de strafzaak en op de uiteindelijke strafeis van het Openbaar Ministerie. Een concrete datum voor die opname is nog niet bekendgemaakt.
De zaak roept daarnaast bredere vragen op over politiek gemotiveerd geweld in Nederland. De explosie bij een partijkantoor, terwijl tientallen mensen aanwezig waren, markeert een grens. Het feit dat de verdachte sprak over een mogelijke volgende actie, zij het vreedzaam, geeft aan dat zijn politieke frustraties vooralsnog niet zijn verdwenen. Dat maakt de uitkomst van het psychiatrisch onderzoek des te relevanter voor rechter en samenleving.
Rechtszaak nog niet afgerond
De rechtszaak tegen Berry van D. bij de Rechtbank Den Haag is nog volop gaande. De verdachte heeft donderdag voor het eerst zijn kant van het verhaal verteld, maar een oordeel van de rechter is er nog niet. Zolang het Pieter Baan Centrum zijn observatie niet heeft afgerond en de rechtbank geen vonnis heeft uitgesproken, blijft Berry van D. verdachte. Alle beschuldigingen, waaronder de verdenking van een terroristisch oogmerk, zijn op dit moment juridisch nog niet bewezen.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, Nieuws.nl, RTL Nieuws











