Een 69-jarige man die in april in zijn rolstoel in brand werd gestoken op het Smaragdplein in Utrecht, revalideert inmiddels thuis. Dat maakte zijn advocaat dinsdag bekend tijdens een eerste voorbereidende zitting bij de rechtbank. Het herstel verloopt zwaar en pijnlijk. De zaak schokte heel Nederland en geldt als een van de meest gruwelijke geweldsdelicten van dit jaar.
Wat er gebeurde op het Smaragdplein
Op 14 april 2026 bevonden twee mannen zich bij een supermarkt aan het Smaragdplein in Utrecht. Zij zouden er hebben rondgehangen in de hoop geld of boodschappen te krijgen van winkelend publiek. Het slachtoffer, een man zonder benen die in een rolstoel zat, bevond zich in hetzelfde groepje. Volgens de rechtbank zag een getuige dat er ruzie ontstond. De aanleiding daarvoor is nog altijd onduidelijk.
Op bewakingsbeelden zou vervolgens te zien zijn hoe een van de mannen de supermarkt instapt. Hij komt naar buiten met een fles spiritus en giet die leeg in de nek van het slachtoffer. Daarna gooien de mannen iets naar hem, mogelijk een brandende sigaret. Zij vertrekken. Enkele minuten later keren ze terug. Dan steekt een van de twee een folder aan en gooit die op de man in de rolstoel. Het slachtoffer vat vlam.
Omstanders reageren snel. Zij halen de man uit zijn rolstoel en blussen het vuur met kledingstukken en water uit de supermarkt. Het slachtoffer overleeft het incident, maar loopt zware verwondingen op. Ambulancepersoneel brengt hem over naar een brandwondencentrum. Nederland reageert geschokt. Beelden van de nasleep verspreiden zich snel via sociale media.
Zware brandwonden over groot deel van zijn lichaam
Tijdens de zitting dinsdag kwamen nieuwe details over de ernst van de verwondingen naar buiten. Het slachtoffer liep over 20 procent van zijn lichaam derdegraads brandwonden op. De rechtbank stelde vast dat er sprake was van levensgevaar. Derdegraads brandwonden beschadigen alle lagen van de huid en veroorzaken langdurig, hevig pijn. Herstel duurt maanden, soms jaren.
De advocaat van het slachtoffer verwoordde zijn situatie indringend. “Brandwonden zijn heel pijnlijk, dat voel je 24 uur per dag”, zei ze voor de rechtbank. Ze voegde toe dat het herstel wisselend verloopt. Het slachtoffer is inmiddels terug thuis, maar de revalidatie is nog volop gaande. Hij woonde de zitting dinsdag niet bij.
Twee verdachten aangehouden en vastgezet
In de zaak zijn twee mannen als verdachte aangemerkt. Hart van Nederland noemt hen Jan G. en Andrzej K. Hun precieze leeftijden zijn in de bronnen niet eenduidig. AD noemt hen 55 en 38 jaar oud, Hart van Nederland noemt de jongste 37 jaar. Over de leeftijd van de oudste verdachte zijn de bronnen het eens: 55 jaar. Beiden waren dinsdag niet aanwezig bij de voorbereidende zitting in Utrecht.
De twee mannen zitten nog vast. De rechtbank besliste dat zij in elk geval tot de volgende zitting in voorlopige hechtenis blijven. Dat geeft de onderzoekers en de rechters de tijd om de zaak grondig voor te bereiden. De rechtbank omschreef het incident als een “heftige en trieste zaak”, een kwalificatie die zelden wordt uitgesproken tijdens een voorbereidende zitting.
Pieter Baan Centrum onderzoekt de verdachten
Een belangrijk onderdeel van de voorbereiding is het psychiatrisch onderzoek. Beide verdachten worden geobserveerd door het Pieter Baan Centrum, de Nederlandse instelling die gespecialiseerd is in forensisch psychiatrisch onderzoek. Dat onderzoek moet duidelijkheid geven over de geestelijke gesteldheid van de mannen ten tijde van het incident. De uitkomsten wegen zwaar mee in de uiteindelijke strafeis en het vonnis.
Het Pieter Baan Centrum adviseert rechters al decennialang over complexe strafzaken. Als een verdachte verminderd toerekeningsvatbaar blijkt, kan dat leiden tot een andere straf of maatregel, zoals terbeschikkingstelling. In hoeverre dat hier aan de orde is, is nog niet bekend. De observatie loopt nog.
Procedure loopt door tot ver in 2027
De volgende voorbereidende zitting staat gepland op 13 oktober 2026. De rechtbank verwacht dat de zaak op zijn vroegst begin 2027 inhoudelijk wordt behandeld. Dat betekent dat het nog zeker een half jaar duurt voordat een rechter zich uitspreekt over de feiten en een eventuele straf. Tot die tijd blijven Jan G. en Andrzej K. vastzitten.
De lange doorlooptijd is niet uitzonderlijk in zware strafzaken. Het psychiatrisch onderzoek, de analyse van bewakingsbeelden en het horen van getuigen kosten tijd. De rechtbank wil bij dit soort delicten geen concessies doen aan zorgvuldigheid. Wat de exacte tenlastelegging wordt, is vooralsnog niet naar buiten gebracht. De aangeleverde stukken vermelden dit niet.
Schok en verontwaardiging in heel Nederland
Het incident van april sloeg in als een bom. Beelden van het incident en de nasleep verspreidden zich razendsnel op sociale media. Politici, burgers en hulpverleners reageerden met afschuw. Het beeld van een kwetsbare man zonder benen, in brand gestoken op klaarlichte dag voor een supermarkt, raakte mensen diep. Velen vroegen zich hardop af hoe dit mogelijk was.
Het slachtoffer is inmiddels uit het brandwondencentrum ontslagen. Hij revalideert thuis, maar zijn weg terug naar een normaal leven is nog lang. Zijn advocaat sprak dinsdag namens hem. Zij maakte duidelijk dat de pijn niet stopt. Dat het herstel met pieken en dalen verloopt. En dat haar cliënt elke dag opnieuw met de gevolgen van dit incident wordt geconfronteerd.
Wat nu verder
De strafzaak is volop in voorbereiding. Op 13 oktober buigt de rechtbank zich opnieuw over de stand van het dossier. De verdachten zitten vast en worden psychiatrisch beoordeeld. Het slachtoffer revalideert thuis, omringd door pijn die volgens zijn advocaat geen moment stopt. Pas begin 2027 verwacht de rechtbank toe te komen aan de inhoudelijke behandeling van deze heftige en trieste zaak.
Bronnen en credits
Bronnen: AD, Hart van Nederland











