Kamil E., de man die de vluchtauto bestuurde bij de aanslag op misdaadverslaggever Peter R. de Vries, stapt naar de rechter. Hij vecht zijn status als risicogedetineerde aan, omdat die hem verhindert normaal contact te onderhouden met zijn familie in Polen. De zaak dient dinsdag bij de rechtbank in Den Haag, en de uitkomst kan vergaande gevolgen hebben voor hoe zijn detentie er de komende jaren uitziet.

Veroordeling na aanslag op Peter R. de Vries
Het Amsterdamse gerechtshof veroordeelde Kamil E. in december 2025 tot 27,5 jaar gevangenisstraf. Zijn rol in de moord op Peter R. de Vries was die van chauffeur van de vluchtauto. De aanslag vond plaats op 6 juli 2021, in het centrum van Amsterdam. De misdaadverslaggever was die avond te gast geweest bij RTL Boulevard en werd kort daarna neergeschoten. Negen dagen later overleed hij aan zijn verwondingen.

Samen met E. werd ook schutter Delano G. direct na de aanslag aangehouden. Beide mannen werden al snel als hoofdverdachten aangemerkt in een zaak die Nederland diep schokte. De liquidatie van De Vries, een van de bekendste journalisten van het land, leidde tot brede maatschappelijke verontwaardiging en politieke reacties op het hoogste niveau. Bovendien benadrukte de zaak hoe kwetsbaar journalisten en advocaten kunnen zijn die werken in de georganiseerde misdaad.

Inmiddels heeft Kamil E. cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. Dat meldde RTL Boulevard in januari 2026. Daarmee is zijn veroordeling juridisch nog niet definitief. Toch verblijft hij ondertussen in detentie, en juist de omstandigheden van die detentie staan nu centraal in een nieuw juridisch gevecht.

Risicostatus als struikelblok voor familiecontact
Kamil E. is door de autoriteiten aangemerkt als risicogedetineerde. Deze status brengt beperkingen met zich mee die verder gaan dan een gewone gevangenisstraf. Zo komt het contact met zijn familie in Polen daardoor ernstig in het gedrang. Concrete details over de exacte aard van die beperkingen zijn niet openbaar gemaakt. Duidelijk is echter dat de situatie voor E. en zijn naasten als onhoudbaar wordt ervaren.

Daarom heeft zijn advocaat Esther Blok namens hem een kort geding aangespannen tegen de Staat. Het doel is helder: de risicostatus laten opheffen, zodat normaal familiecontact weer mogelijk wordt. “Het contact met zijn naasten is een van de redenen dat we dit kort geding zijn gestart”, verklaart Esther Blok. Haar woorden suggereren dat er mogelijk ook andere argumenten een rol spelen, maar die zijn vooralsnog niet nader toegelicht.

Kort geding voor de Haagse rechter
De zaak werd op dinsdag 31 maart 2026 behandeld bij de rechtbank in Den Haag. In een kort geding vraagt de eisende partij om een snelle rechterlijke uitspraak in een spoedeisende kwestie. De rechter toetst dan of de huidige situatie onrechtmatig is en of er aanleiding bestaat om de Staat te dwingen actie te ondernemen. Een uitspraak volgt doorgaans binnen enkele weken na de zitting.

Voor Kamil E. is dit een serieuze juridische stap. Het aanvechten van een detentiestatus via de civiele rechter is niet gebruikelijk, maar ook niet onmogelijk. Gedetineerden hebben in Nederland bepaalde rechten, ook als zij zijn veroordeeld voor ernstige misdrijven. De vraag die de rechter moet beantwoorden, is of de risicostatus van E. proportioneel is en of die zijn fundamentele recht op familiecontact op een toelaatbare manier beperkt.

Advocaat Blok zet in op snelle verandering
Advocaat Esther Blok laat weten dat het familiecontact zwaar weegt in deze procedure. Daarmee plaatst zij de menselijke dimensie van de zaak op de voorgrond. Hoe de Staat de risicostatus van haar cliënt rechtvaardigt, is niet uit de beschikbare informatie op te maken. Toch zal de rechter beide kanten van het verhaal moeten afwegen voordat hij een oordeel velt.

Bovendien loopt tegelijkertijd de cassatieprocedure bij de Hoge Raad. Daarin wordt getoetst of het gerechtshof de wet juist heeft toegepast. Die procedure staat echter los van het kort geding over de detentieomstandigheden. Zelfs als de Hoge Raad later tot een andere conclusie komt, verandert dat niets aan de huidige situatie in de gevangenis. Vandaar dat Blok er nu al actie op onderneemt via de kortgedingrechter.

Bredere context: rechten van gedetineerden in Nederland
De zaak roept bredere vragen op over de rechten van gedetineerden met een speciale status. In Nederland kennen gerechtigheid en detentie een eigen balans. Enerzijds heeft de samenleving belang bij een strenge aanpak van gevaarlijke verdachten. Anderzijds garandeert de wet ook gedetineerden bepaalde fundamentele rechten, waaronder het recht op contact met familie. Wanneer die rechten botsen met veiligheidsoverwegingen, is de rechter de aangewezen instantie om dat conflict te beslechten.

Gevallen zoals dat van Kamil E. illustreren hoe complex detentie kan zijn na een spraakmakende veroordeling. De publieke verontwaardiging over de moord op Peter R. de Vries is begrijpelijk en terecht. Toch staat daar tegenover dat ook veroordeelden aanspraak kunnen maken op wettelijk vastgelegde rechten. De rechtbank in Den Haag zal deze spanning zorgvuldig moeten wegen in haar oordeel.

Wat volgt na de zitting
De uitkomst van het kort geding is op dit moment nog niet bekend. Duidelijk is dat Kamil E. vastbesloten is zijn risicostatus aan te vechten, ook al staat hij voor een lange gevangenisstraf. Zijn advocaat Esther Blok houdt vast aan haar juridische strategie. Vervolgens zal de rechter beslissen of de Staat zijn handelswijze moet aanpassen. De komende weken worden daarmee bepalend voor de dagelijkse werkelijkheid van Kamil E. in de gevangenis.
Bronnen en credits
Bronnen: Ditjes & Datjes, Nieuws.nl










